Home     Grasduinen     Over     Zoektips     FAQs     Disclaimer     Meertens Instituut         english

Nederlandse Liederenbank

        - strofezoeken
        - melodiezoeken met klavier        
  
sorteer op

lied:

   
auteur:
Utenhove, J.] (berijmer)
titel: Het Argument des .48. [!] Psalms. [...] Quam dilecta tabernacula
beginregel: Hoe lieflick syn dyns tempels woensten Heer, / Myn siel mit lust dyns huys inganck begheert alle liederen met deze tekst 
tekstnorm: Hoe lieflijk zijn dijns tempels woonsteden Heer Mijn ziel (3 liederen)
aantal strofen: 7
muziek: met muzieknotatie
link (full text):tekst volledige liedtekst in de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren naar Utenhove 25Ps1557
tekst volledige liedtekst in de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren naar de druk/editie Utenhove 26Ps1558
tekst volledige liedtekst in de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren naar de druk/editie Utenhove 64Ps1561
genre: psalm (geestelijk)
trefwoord: psalm 084
 
melodienamen (2):
wijsaanduiding:standaardnaam melodie:alle liederen op deze melodie
[geen wijsaanduiding]Psalm 104 Datheen (VAR) ! muzieknoot  (52 liederen)
ELDERS Op de Franchoische wijse des civj. [!] Psalms: Sus, sus, mon, &c.Psalm 104 Datheen (52 liederen)

strofeschema:
.  .  .  .
5A 5A 5b 5b
alle liederen met deze vorm
(alle liederen)
verstal: 4
commentaar: Melodie is sterk verwant aan Datheen Ps1566a 104 (Psalm 104 Datheen), m.u.v. einde derde versregel. Bovendien is de melodie korter: het gaat alleen om de eerste helft van Datheen 104. Volgens Lenselink 1959 komt de tekst uit 1551. In de titel wordt foutief 48 genoemd; dit moet 84 zijn. Uitleg in de marge. Wijsaanduiding ELDERS in Utenhove 64Ps1561.
recordnummer: 26738

bron:

siglum:Utenhove 25Ps1557 (1557)
titel:25. Psalmen end andere ghesangh en [!] diemen in de Duydtsche Ghemeynte te Londen, [...]
pagina: p33 (liednummer 14)
gebruikt ex.: Gent UB: G 7970
editie:Lenselink 1959, 302
beschikbaar: scan van de gehele bron (adore.ugent.be)
link (full text): tekst van de gehele bron volledige tekst in de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren