Home     Grasduinen     Over     Zoektips     FAQs     Disclaimer     Meertens Instituut         english

Nederlandse Liederenbank


Engelse tekst
[18] Noodtzakelijcke Wacht

In dit lied waarschuwt Camphuysen tegen de leer van de perseverantie, dat is de volharding der heiligen, een van de Vijf artikelen tegen de remonstranten die werden vastgelegd op de synode van Dordrecht (1619). Dominees die daar niet in meegingen, zoals Camphuysen, werden door de synode uit de calvinistische kerk gezet. De perseverantie houdt in dat de door God uitverkorenen niet meer uit de genade kunnen vallen. Als Remonstrant vindt Camphuysen dat een gevaarlijke leer. Ook al ben je bevrijd van de zonde, je moet er steeds voor blijven waken dat de zonde niet weer binnen sluipt. Vooral je hart is een kwetsbare plek die je goed in de gaten moet houden.
Camphuysen dichtte deze Noodtzakelijcke Wacht op de melodie van een pavane voor klavecimbel van de Engelse componist Peter Philips (1560/61-1628) uit 1580, 'the first [that] ever Phi[lips] mad[e]' volgens het Fitzwilliam Virginal Book (ca. 1610-1625). Een paar jaar nadien ontvluchtte de katholieke Philips Engeland om zich na een lange reis door Europa uiteindelijk in de Zuidelijke Nederlanden te vestigen. In 1593 bezocht Philips Amsterdam om Jan Pietersz. Sweelinck te zien en te horen. Op de terugweg naar Antwerpen werd Philips gearresteerd op verdenking van een moordplan op koningin Elizabeth en zat hij een tijdlang opgesloten in de Haagse Gevangenpoort. Daar schreef hij de ellende van zich af met een Pavan en Gailliard Dolorosa.


Noodtzakelijcke Wacht (D.R. Camphuysen)
Zang: Pavane Philippi [= Peter Philips' First Pavan]

Wanneer het hert nu klaer (*1) van zonden en gebreken,
En qua' door go gewoont (*2) al heel verbannen is,
Dan moet noch van den mensch wel scherp zijn toe-gekeken (*3)
Dat hy 't gemoedt steedts houd' in die gestaltenis. (*4)
Daer 't eens was koomt wel water we'er;
Daer 't eerst kleefd' hecht wel we'er wat quaedts.
Al is de Deuchd in 't hert al veer,
't Is een bestormelijcke plaets (*5).
Doorzoeck, doorzoeck, doorzoeck, doorzoeck al 's herten holen;
De wacht, de wacht, de wacht, de wacht is ons bevolen.

(*1) vrij
(*2) kwade door goede gewoonten
(*3) toegezien
(*4) toestand
(*5) een zwakke plek in de verdedigingsmuur die gemakkelijk bestormd kan worden
[18] Necessary Watchfulness

In this song Camphuysen warns against the doctrine of the Perserverance of the Saints, the last of the Five Articles Against the Remonstrants (also known as Arminians) that were laid down during the Synod of Dordt in 1619 (the first four were Total Depravity, Unconditional Election, Limited Atonement, and Irresistible Grace; as a set they spell T-U-L-I-P, in English, though not in Dutch). The Remonstrants who did not agree, as was the case with Camphuysen, were ordered to leave the Calvinist Church. The idea of the Perserveration of the Saints is that God's people, once chosen, can never fall from Grace. Camphuysen considered that a dangerous teaching. Even if you have been freed from sin, you must keep constantly on guard so that sin does not creep back in again. The heart above all is a vulnerable spot that you have to keep a close eye on.
Camphuysen wrote this Noodtzakelijcke Wacht (Necessary Watchfulness) to a melody for a pavan for harpsichord by the English composer Peter Philips (1560/61-1628) from 1580, 'the first [that] ever Phi[lips] mad[e]' according to The Fitzwilliam Virginal Book (c1610-1625).A few years later Philips, who was Catholic, fled England, and after a long sojourn around Europe ended up settling in the southern Netherlands. In 1593 Philips visited Amsterdam to see and hear Jan Pieterszoon Sweelinck. On the way back to Antwerp, Philips was arrested on suspicion of a plot to murder Queen Elizabeth and for a while was imprisoned in the Gevangenpoort in The Hague.There he wrote away his miseries with a 'Pavan and Gailliard Dolorosa.'

Necessary Watchfulness
Melody: Pavane Philippi [= Peter Philips' First Pavan]

Whenever the heart is free from sins and faults
And evil has been banished by good habits,
Then man must still watch carefully
That he keep his bearing steady in that state.
Where water once has flowed, it could easily come back,
Where evil has once stuck, it could easily attach itself again.
Even if virtue is deep in the heart,
It remains an assailable spot.
Search, search, search, search, the chambers of the heart;
Keep watch, watch, watch, watch, is our command.

Translation: Ruth van Baak Griffioen

Camerata Trajectina (artiest), Dowland in Holland: Nederlandse liederen op Engelse wijzen in de Gouden Eeuw = Dutch songs on English tunes in the Dutch Golden Age. GLO 5260
2015
1: 18