Home     Content     Browsing     Search Tips     FAQs     Progress     Disclaimer     Meertens Institute         dutch


Dutch Song Database


En daar reed eens een ruiter al door zijn straat

1. En daar reed eens een ruiter al door zijn straat
En daar reed er een ruiter al door de straat
En die reed er zo netjes al op zijn paard
Van je rommiedommiedee
En die reed er zo netjes al op zijn paard
Van dat ware toneel.

2. - En ach ruiter laat je paardje
zo hard niet gaan
Want iedere voetstap die kost er mij een traan.

3. En die ruiter die had dat verkeerd verstaan
En die liet er zijn paardje wat harder gaan.

4. En hij hoorde 'r niet meer kermen
want zij lag dood
Met hare twee kindertjes op hare schoot.

5. En hij reed er toen mede al naar de stad
En waar hij er nog wonen een moedertje had.

6. - En ach moedertje
hier heb jij twee zoontjes van mij
En doen daar nou mee wat jouw plichten zijn.

7. - Wat mijn plichten zijn en dat doen ik niet
Ach dat zou er mij brengen in groot verdriet.

8. En toen bracht hij zijn twee zoontjes naar
een kostschool
En den ene die werd dokter
en den andere pastoor.

9. En zijn eerste mis, ja die duurde 'n uur
Toen verloste hij zijn moeder uit het vagevuur.


(Tekst LP )

Onder de Groene Linde: opnamebestand
[1950-1980 ca.]
Amsterdam MI: OPN OGL