| type: |
manuscript.
liedblad. Het lied bezingt de belangrijkste aanvoerders van het Staatse leger: graaf Filips II de Lalaing, Robert de Melun (burggraaf van Gent), Antoine de Goignies, Valentin de Pardieu (heer van la Motte), graaf Filips van Egmont, Maximiliën de Hénin-Lietard (graaf van Bossu), graaf Willem II van de Marck (Lumey), Emmanuel-Philibert de Lalaing (heer van Montigny), Oudard de Bournonville (heer van Capres), Willem van Horn (heer van Heeze), Frédéric Perrenot (heer van Champagney) en Pontus de Noyelle (heer van Bours). Daarnaast zijn er coupletten over De Staten, het Vaderland, de kapiteins van het leger, en de soldaten. Het lied wordt afgesloten met een couplet over prins Willem van Oranje.
|