Rey van Burghzaten.
Waer werd oprechter trouw Dan tusschen man en vrouw Ter weereld oit gevonden? Twee zielen gloende aen een gesmeed, Of vast geschakelt en verbonden In lief en leedt.
Door deze liefde treurt De tortelduif, gescheurt Van haer beminde tortel. Zy jammert op de dorre ranck Van eenen boom, verdrooght van wortel, Haer leven langk.
Zoo treurt nu Aemstels vrouw, En smelt als sneeuw van rouw Tot water en tot traenen. Zy rekent Gijsbreght nu al dood, Die, om zijn stad en onderdaenen, Zich geeft te bloot.
(enz.)
Uit Vondels Gysbrecht van Aemstel (1637). In de Gysbrecht wordt de stad Amsterdam lafhartig aangevallen door Kennemelanders, nota bene in de Kerstnacht. De verdediging van de stad, onder aanvoering van Gysbrecht, verloopt chaotisch. Als Badeloch, de vrouw van Gysbrecht, in de burcht hoort hoe hard er gevochten wordt, vreest ze dat hij niet weer zal keren. Ze is dodelijk ongerust. De Rey van Burghzaten (koor van burchtbewoners) bezingt de echtelijke liefde, en in het bijzonder de liefde van Badeloch voor Gysbrecht. naar dit lied | |